Get Adobe Flash player

Harm's Column

Op mijn surftocht op het Wereld Wijde Web belandde ik dit keer op een wel zeer persoonlijk weblog. Een blog van onmacht en strijdvaardigheid. 

Bij het doorlezen merkte ik een herkenning van onmacht en strijdvaardigheid om een soortgelijk “anders” leven met het gevolg (overlast) uit het verleden die wij maanden hadden ervaren met een boven ons wonende buurvrouw. Teruglezend het woord “overlast” twijfel ik of dat woord wel recht doet in ernstige situaties.

Zonder in details te treden botsten wij tegen dezelfde regels en wetten aan van dossiervorming of steeds maar weer de politie bellen om een stevige bewijslast te krijgen. Terecht dat er enerzijds ook zieke mensen het recht moeten kunnen behouden zolang mogelijk in hun eigen vertrouwde omgeving te wonen. Al dan niet met begeleiding. Zolang dat mogelijk is. Dilemma’s kan iedereen wel bedenken die je kunt kwalificeren als zijnde een overlastzaak.

Anderzijds verbaas ik me weleens over het feit dat er bij langer durende specifieke bijzonderheden, er meer aandacht is voor het slachtoffer dan voor zeg maar de klagers. Worden de klagers wel serieus genomen? Dossiervorming prima, maar er constant aan vast houden is toch iets anders, Of hebben wij toch met elkaar “het gevoel, ik moet voor je zorgen”. Je kunt natuurlijk ook wachten tot de klagers radeloos worden en een foto van de overlastpleger op een blog plaatsen. Wordt dit misschien de toekomst die wij tegemoet gaan. Hier zijn beide partijen de verliezers?

 

Een oude grijs gedraaide langspeelplaat lijkt het meestal, wanneer je kijkt naar het onderhoud van de algemene groenvoorziening. Iedereen heeft hier zijn of haar zegje over wat mooi is en wat niet mooi is; wat goed is of anders moet worden ingericht. Wat onderhouden moet worden ter voorkoming van verruiging op mijns inziens onlogische plaatsen en plekken, leidt meestal tot het grijs draaien van telefoonnummers en het intoetsen van een doorschakelnummer om de juiste ambtenaar aan de lijn te krijgen.

Terwijl velen worden aangesproken over het netjes houden van tuinen laat men verruiging toe. Een vorm van bezuiniging?

 

Het was even graven in het geheugen. Denkend aan jaren geleden tijdens een bijeenkomst in het Heerdenhoes over herinrichting van de openbare groenvoorziening in Beijum. Destijds had men het plan dat het groen een open structuur karakter moest krijgen. Opener met een wijde blik. Weg met de vele struiken en perkjes of kleine bosplantsoentjes. Het moest allemaal opener.

 

En dan in 2011, een signalering door een eenmansactie om verruiging op onlogische plaatsen als bij een winkelcentrum West langs een fietspad tegen te gaan. Een positieve en terechte signalering met uiteindelijk het gewenste resultaat.

Valt het natuurbeleid nog wel te volgen? Enerzijds relatief veel aandacht voor het schoon en netjes houden van de ringweg. Om maar te zwijgen over de groene long waar relatief veel geld heen gaat omdat dat het visitekaartje van de wijk schijnt te zijn

Mag best van mij als men de resterende belangrijkste gebieden in de wijk waar veel publiek komt als het gebied rondom het winkelcentrum West hierin ook wordt meegenomen. Dat is ook het visitekaartje van de wijk Beijum.

 

Anderzijds vrees ik dat er onder invloed van zware bezuinigingen de verruiging van het Gemeentelijke openbare groen beleid eerder zal toenemen dan afnemen. Vooral op de woonerven. Zeker geen onbelangrijke onderdeel van leef- en woongenot

 

Groen & Grijs en wijkorganisatie, de gesprekspartners van de Gemeente, hebben hierover hun bezorgdheid uitgesproken. Fijn dat te lezen, maar met welke argumenten?

Goed dan, nog even nazomeren. Namijmerend over de natte zomervakantie van 2011. Mijmerend over je eerste vakantieliefdes, prikkelend of nieuwe ontmoetingen opgedaan die indruk hebben achtergelaten. Dan het afscheid nemen van wie weet de mooiste vakantie. Nog even dat mooiste moment,, een blik. Hoe zij of hij op dat moment keek. Een afscheidszoen, dan niet meer omkijken. Ken dat gevoel uit mijn jeugd lang geleden. Dagen erna mijmerend, op de klok kijkend, denkend aan gisteren. Gisteren om deze tijd deden wij dit of dat. Brieven schrijven, want dat had je beloofd

Dat is vandaag aan de dag wel wat anders met de digitale snelweg. De charme van toen is er nooit meer. En de natte zomer van 2011 maakt plaats voor de dagelijkse werkelijkheid van weer naar school en werk 

Open agenda’s liggen weer op tafel in afwachting op nieuwe ontwikkelingen om er over te debatteren, waar wij Nederlanders goed in schijnen te zijn. Met elkaar in gesprek zijn zonder een heldere ondoorgrondelijke gezamenlijke besluitvorming. Dat alles uit vrees er later op afgerekend te kunnen worden. Velen hebben dat in de afgelopen 4 a 5 jaar kunnen ervaren bij het streven naar meer openheid en het in het openbaar durven stellen van kritische vragen, zoekend naar waarheden en feiten uit de wijk.

De goede, gemotiveerde vrijwilligers weer aan de bak als ondersteunende factor.

Hun positieve bijdrage wordt nog steeds onderschat en ondergewaardeerd. Uren of dagen hangen zij aan de telefoon om een van de beleidsmakers te spreken. Veel tijd en kosten gaan hiermee verloren. Ergernissen van de bovenste plank. Het zijn de vrijwilligers die elkaar dan weer oppeppen en doorgaan. Het is en blijft mensenwerk.

 

Stilte in de wijk tijdens de natte zomerrust. Velen zijn elders in het buitenland of gewoon in Nederland aan het genieten van wie weet een hete zomerzon. Anderen blijven thuis en genieten van een iets minder stressvolle wijkgebeuren in een prachtige omgeving waar best nog wel mooie stille plekken te vinden is. Als je het maar wilt zien. 

En tussen twee regenbuien door zachtjes neuriënd genietend van het mooie weer, zag ik spelende kinderen op een open plein in een treintje dat maar niet vooruit te branden is. Dat alles onder het toeziende oog van op een bankje zittende ouders genietend van de schaarse zomerzon. Anderen weer met een mobieltje in de aanslag alsof er op elke moment een belangrijk bericht binnen komt. 

Op de schoot van een van de ouders lag een paar weken jong bruin hondje heerlijk te slapen. Een aandoenlijk aanzien van alom tevredenheid en rust. Ook dat is een van de mooier kanten van Beijum, dacht ik bij mijzelf

Is dat uw hondje? Nee, van mijn dochter. En u mag haar of hem elke keer uitlaten, merkte ik lachend op. Een glimlach als bevestiging. Het hondje werd op mijn schoot gezet en het ijs was gebroken. Spontaan ontstond er een gesprek over van alles en nog wat. Kwam dat nu door het mooie weer of bestaat het nog die spontaniteit en toegankelijkheid naar elkaar toe? Ik denk er niet verder over na en laat het gebeuren zoals het gebeurt.

Gaande weg stoorde ik mij aan de aankleding van de omgeving. De openheid en kaalheid van die locatie. Mens en kids onvriendelijk met alleen maar een klimrek en treintje. Een paar bankjes uitkijkend op zwijgende muren met ramen waar plakkaten met mededelingen geplakt zijn met wegens vakantie gesloten. En een aantal bomen, dat niet eens voor schaduw zorgt. Nee, geef dan maar een gedeelte terug van de oude situatie toen de bus er nog doorheen reed en er meer groen was. Zij willen het weer gaan veranderen hoorde ik iemand vertellen. Tja, zij willen!  Maar wat willen de huurders zelf met dit plein? Krijgen de kritische mensen van destijds bij de laatste herindeling dan toch gelijk? 

Met deze vraagstelling in mijn achterhoofd en gedag te hebben gezegd begon ik aan mijn terugrit huiswaarts. Omdat de rit even duurde herinner ik mij het artikel in de laatste wijkkrant van juli met als vraag stellende kop “Beijum: een achterstandswijk”? Het gebeurt meestal zo vlak voor de zomervakantie dergelijke ongegronde en ongefundeerde vraagstellingen te plaatsen. Dat vraagt om opheldering en verklaring over de definitie van achterstandswijk. Het meest kwalijke is dat in hetzelfde artikel werd gerefereerd aan een triest voorval eerder dit jaar. Dat getuigt mijn inziens van respectloosheid.

Bij thuiskomst later werd ik schaterlachend onthaald door partnerlief met de opmerking; moet je horen: buurvrouw gaat vreemd. Er lag een vreemd iemand in haar bed.

Heerlijk ontspannend op zijn rug met de poten wijd te slapen. Zo van: wie doet mij wat? Achteraf bleek het een kater te zijn geweest. Onze Max. Die deugniet!

 

 

10 uur. Buurvrouw komt binnen: "bakkie klaar?"Ja, dat weet je, om deze tijd is er altijd een bak koffie. Het mag gebeuren van de verzekering. Wat vraag ik. Nou die lange gordijnen voor mijn ogen worden ingekort O is mijn antwoordt. Wil je met mij mee naar die chirurg, twee weten meer dan een. In het ziekenhuis een uitleg. 4 weken niet tillen of voorover bukken etc. Heeft u nog vragen? Ja, ik krijg zeker blauwe doppen? Dat kan. “O wat heerlijk”, is haar antwoord, “Wat bedoelt u”, vraagt de chirurg? “Nou, mijn man heeft me nooit geslagen en nu op mijn oude dag krijg ik ze dan toch nog”. 

Operatie achter de rug, maar geen blauwe doppen, alleen wat op gezwollen en dikke zakken onder het oog. “Geen kijk gelijk” blijft ze maar zeggen. “Valt mee”, zeg ik, “ik ken jou maar een ander zou het niet opvallen. 

Een week later. Vanmorgen op koffietijd: bakkie doen? Hechtingen eruit, alles weer voor de bakker. Was vannacht veel blauw op straat. O ja, wat was er dan gebeurd? Nou, er is een kraak gezet bij de pin. Hoe laat was dat dan? Na middernacht. Weet je dat wel zeker of kijk je nu echt blauw, Nee het was wel donker, maar ik zag mannen in het blauw rennen. Wat hebben die gasten nu dan? Geen idee was haar antwoord. Het was ja donker. Als buurvrouw weg is gaat de computer aan. Even neuzen wat er zoal in de wijk gaande is en ja wel hoor een kraak op het winkelcentrum Beijum West, Gasten in de kraag gegrepen. Weer een week voorbij en geen blauwe doppen. Maar wel blauwe mannen, die wij ook wel politie noemen, maar blauw was het wel, maar niet van de drank

 

Of het beeldvorming van een jaarlijkse terugkerende vergadermoeheid is, laat ik  even in het midden, maar de waarneming dat de hoeveelheid mails die normaal binnenstromen geeft aan dat een periode van zomerrust 2011 ook voor het Noorden van Nederland aanstaande is?

 

Eindelijk de werk- of leestafel is bijna leeg. Ja, bijna want voordat je verdacht bent ligt er weer een nieuw document op om al dan niet nog net even voor het zomerreces te worden afgehamerd met een denkbeeldige voorzittershamer. Een technische en praktische strategische handeling zo vlak voor een zomerreces om belangrijke ingewikkelde onderwerpen met een hamerslag van de voorzitter af te slaan. Er door heen te krijgen op een moment waarin het vakantiegevoel of stress en vergadermoeheid meer de boventoon voert dan even nog een nieuw document bestuderen. 

Even met reces, ver weg van alle scherpe en kritische vragen stellen in afwachting op een goed onderbouwd antwoord. Even stilte om op adem te komen.

Velen gaan een nieuwe stress aan met de verkeersdrukte op weg naar een gekozen vakantieoord. Even uit de dagelijkse sleur hoor je vaak als opmerking. En de achterblijvers dan? Willen zij dan niet eens weg uit de sleur  van alle dag? 

Wat er over blijft in de zomerrecesperiode is een komkommertijd  of  een mooie wijk  in ruste om daarna weer de vinger op de gevoelige, zere en democratische plek te  leggen. Want dat blijkt hard nodig te zijn. Zeg nu  eens eerlijk, wat is  een  wijk  zonder kritische bewoners!

 

 

 

Het weer van de afgelopen dagen in ogenschouw nemend, dan heb je daar maar een woord voor: "bagger". He, fijn omdat woord eens te gebruiken. Het lucht op. Ja, zo kan je uren doorschrijven en filosoferen over een simpele woordspeling in tal van herkenbare en of niet herkenbare stellingen of omstandigheden.

 

Iedereen kent het wel of heeft wel eens van die dagen dat je het idee hebt dat er niets lukt. Tegenslag op tegenslag te verwerken krijgen. Dat het bureaucratische gebeuren het altijd wint van de gevraagde oplossing. Het gevoel hebben tegen een muur te  praten omdat anderen niet kunnen of  willen luisteren

Voorbeelden in overvloed om te laten zien wat een "bagger"-moment kan zijn.

Ik herinner mij een moment uit het jaar 2010. 

Genietend van het weer en oplettend op  het verkeer reed ik mijn neus achterna. Totdat een onwillige coördinatiespier ongevraagd het heft in eigen hand nam en mijn rijrichting wijzigde en ik tegen een stoeprand aan reed. Ik schrok nog meer van de fietser die mij voorbij reed, dan het feit tegen een stoeprand aangereden te zijn. Voor mij was het even een "bagger"- gevoel, want op dat moment liep de communicatie met de behulpzame fietser niet goed. Zelf druk bezig zijnde om de eigenzinnige spieren weer onder controle te krijgen, in een stilzwijgend 24 uur ritueel met mijzelf, zou bij velen de indruk van dronkenschap achter kunnen laten. Een "bagger"- gevoel hebben omdat dan ook de communicatie in het water viel en niet te kunnen zeggen dat ik geen hulp nodig had. Zij fietste mopperend verder. Misschien had zij ook wel een "bagger"- dag.

Maar wat de meesten wel eens vergeten is, dat na de "bagger"- dagen de zon altijd weer gaat schijnen

 

 

Soms denk ik weleens, waar  blijft de tijd met  de oudejaarsconferences van bekende figuren als Wim Kan en Seth Gaaikema om er maar paar van de velen te noemen. Farce Majeur, niet te vergeten, met Koeweit, koeweit upsasa tijdens de oliecrisis, jaren 1973, begin 1974 in Nederland. Dat waren pas eens satires waar men eens hard om kon lachen. Politici die teleurgesteld waren als hun naam of situaties niet in de conference waren genoemd.

Voor die tijd was 'een spiegel voor houden' de manier om zware onderwerpen wat vrolijker en luchtiger aan de man te brengen. Om dit soort van humor te begrijpen vraagt wel enige kennis van de vaderlandse geschiedenis. Voor die tijd waren het wel avondvullende programma's waarbij je nog eens ontspannen kon lachen, gieren en brullen. Dat alles met een knipoog naar morgen. 

Ja, een spiegel zou je het kunnen noemen die vandaag aan de dag steeds doffer lijkt te worden door de steeds harder wordende samenleving waarin elke stap op een weegschaal wordt gelegd. Een samenleving waarin een ik, ik model de boventoon schijn te voeren in plaats van een wij, wij model.        

Of dat elke stap op de mogelijke statutaire laatste regel wordt na gelezen of iets  al dan niet door de beugel kan. Laten wij toch eens wat meer met elkaar lachen. Een satire is per definitie niet negatief, maar het positieve daarin proberen te zien,

daar heb ik geen universitaire opleiding voor nodig. 

Het leven is maar zo kort, laten wij een aantal zaken wat meer gaan bekijken met een knipoog.

 

 

 

juridische

Weerfoto's Beijum

24 juli 2018 Beijum
24 juli 2018 17:0524 juli 2018 Beijum
23 juli 2018 Beijum
23 juli 2018 16:4423 juli 2018 Beijum
19 juli 2018 Beijum
19 juli 2018 16:4919 juli 2018 Beijum
26 mei 2018 Beijum
26 mei 2018 20:0326 mei 2018 Beijum

beijumnieuws2